Skip to main content

Visie op het jonge kind

Uit OMJS Magazine #10
Tekst: Patty van der Aa

Kleuteronderwijs is een vak apart. Hoe realiseer je namelijk een passend onderwijsaanbod waarin de aanbodsdoelen SLO én je visie op het jonge kind zichtbaar worden? Op basisschool De Wilakkers in Eindhoven startte het onderbouwteam een begeleidingstraject om dit te concretiseren en vorm te geven.

In je kracht staan

Waar sta je voor? Wat is jullie visie op onderwijs in het algemeen en op het jonge kind? Relevante vragen om jezelf te stellen als je bezig bent met het invullen van je onderwijsaanbod. Maar in de praktijk werkt het vaak anders. Zonde. Want alleen door een goed onderbouwde visie kan een goed beredeneerd onderwijsaanbod gerealiseerd worden. Een waarbij de leerlingen, de leraren én de school in hun kracht staan.

“Toen ik hier 2,5 jaar geleden begon, was er nog een vrij traditioneel systeem. Er waren wel doelen bepaald, maar het was aan de individuele leraar hoe deze in de klas tot uiting kwamen. Een gezamenlijk beleid was er nog niet”, vertelt Olivier Bussing, leraar onderbouw op basisschool De Wilakkers. “Samen met Lucille (docent en adviseur bij OMJS) zijn we een ontwikkelingstraject gestart. Hierin keken we concreet naar vragen die binnen onze school en de onderbouw speelden. We spraken over onze visie, wat onze school daarin uniek maakt én wat ons als individuele leraar versterkt; wat paste wel, wat niet en hoe zagen we dit voor ons in combinatie met kleuteronderwijs?”

Van visie naar praktijk

“Veel aanbodsdoelen zitten verweven in routine. Bijvoorbeeld het tellen van de leerlingen in een rij of het zingen van een liedje voor het eten. Dit doe je dagelijks, dus dit zit standaard in je aanbod”, vult Lucille aan. “Vanuit de visie van De Wilakkers, specifiek die op de onderbouw, zijn we naar de praktijk gaan kijken. Welke doelen staan centraal? En wat betekent dat concreet voor je aanbod? Je wilt tenslotte dat elke kleuter aan het einde van een periode over basale kennis beschikt. Daarom is het belangrijk om doelen te definiëren en deze naar een plan te vertalen.” Op De Wilakkers werd dit een themaplan, waarbij het team goed nadacht over een format dat werkbaar was voor iedereen. Eén vorm waarin medewerkers elkaar als team zouden vinden en versterken. En een plan dat je ook terugziet in de klas.

Onze plannen werden niet alleen leuk op papier, maar ook uitvoerbaar.

Voorbeeld

Olivier: “Een van thema’s was: wij gaan tuinieren. Binnen het team bedachten we samen wat de hoofddoelen zouden zijn. In dit geval bijvoorbeeld luisteren, spreken en gesprekken voeren, maar ook verhoudingen en verbanden. Zo opperde iemand om het prentenboek ‘Rikki en de tuin van opa’ als kapstok te pakken, waaraan we woordkaartjes voor NT2-kinderen koppelden. Maar we hebben ook echt groenten gezaaid, waar plantjes uit kwamen die we weer in de keuken konden gebruiken. Al snel stelden we vast we dat er drie hoeken altijd zichtbaar moesten zijn en in verbinding met elkaar moesten staan: de huishoek, de bouwhoek en de zandtafel. Alles wat eromheen gebeurt, past bij die drie hoeken. En aangezien we toch aan nieuw meubilair toe waren, hebben we de inrichting van de klaslokalen ook meteen meegenomen in ons plan.”

Op De Wilakkers maakt het voor kleuters niet meer uit in welke klas ze zitten: ze krijgen alleen dingen aangeboden die bij hun leeftijd passen. En dat is voor elke kleuterklas gelijk. Daarnaast kan de leraar zelf andere doelen behandelen, simpelweg omdat sommige thema’s in de ene klas meer leven dan in andere klassen. Hierop wil je als leraar kunnen anticiperen. Maar wat betekent dit geheel uiteindelijk voor de ontwikkeling van het kind? Hoe registreer je voortgang? Wat doe je met wat je ziet?

Cyclisch werken

“We zagen dat er in KIJK meerdere ontwikkelingslijnen samen te voegen waren. Relaties met volwassenen en relaties met andere kinderen kun je prima terugbrengen tot één lijn. Mondelinge taalontwikkeling kun je koppelen aan beginnende geletterdheid en zo zijn er meer. Dit maakt de ontwikkeling van een kind een stuk overzichtelijker. De grote vraag was alleen: wat zijn onze meetmomenten? We hebben geleerd dat als je oktober en juni neemt, er best een lange periode tussen zit – dus monitoren we tot december. Zo kunnen we in het begin van het jaar focussen op een kennismakingsgesprek met de ouders en later in het jaar de voortgang bespreken aan de hand van de ontwikkelingslijnen. Ook evalueren we de thema’s binnen ons team. Zo kwam er afgelopen jaar naar voren dat bepaalde doelen niet tot uiting kwamen in de klas. Daarvan wisten we dus dat deze later nog aan bod moesten komen.” Door op deze manier te werken ontstaat er telkens opnieuw een cyclus. Doelen zijn gedefinieerd, geïntegreerd, uitgevoerd, geobserveerd, geregistreerd en geanalyseerd.

Een sterk team

“Lucille heeft enorm goed geluisterd naar hoe wij erin stonden. Iedereen kreeg ruimte om te spreken en ideeën werden goed getoetst aan wat de inspectie van ons verwacht. Door dit traject werden onze plannen niet alleen leuk op papier, maar ook uitvoerbaar. We kregen ook elke sessie verwerktijd waardoor we praktisch aan de slag konden met onze plannen. Iedereen kwam daardoor altijd vol energie uit een sessie en we hadden het er nog dagen over. Dit hele traject heeft ons team, elke individuele leraar en ons onderwijsaanbod sterker gemaakt. Ook onze onderbouwcultuur is hierdoor enorm veranderd. We stralen eenheid uit. We weten precies van elkaar wat we doen en hebben zelfs dagelijks contact. Ook de samenstelling van ons team is hierdoor gelijkwaardig. En het klikt, dat is ook wel fijn.”

Aan het woord waren

Lucille KeurstenOnderwijsadviseur en docent bij OMJS.

Olivier BussingLeraar groep 1-2 op basisschool De Wilakkers
Close Menu

Onderwijs Maak Je Samen

Steenovenweg 50
5708HN Helmond

T: +31(0)492881157
E: info@onderwijsmaakjesamen.nl